Stamboekzaken

  

De gangen

De stap en de draf

Als de jury daartoe aanwijzing geeft mag er worden gestapt.

Men stapt in een rechte lijn van de jury af naar het einde van de baan. Het keren aan het eind van de baan moet altijd rechtsom. Op de terugweg dient men op ruime afstand van de jury rechtsom te draaien en een begin te maken met het laten draven.

Tijdens het stappen en draven loopt de voorbrenger links van de pony met het touw in de rechterhand, de linkerhand houdt men vrij om te kunnen corrigeren. De aandrijver loopt enkele meters achter en iets links van de pony met een dwars horizontaal gehouden zweep. Ruim voordat de pony aan het eind van de baan rechtsom draait, steekt de aandrijver de keuringsbaan over om weer op de goede kant te komen. De aandrijver mag nooit recht achter de pony lopen, dan ontneemt hij de jury het zicht op de bewegingen. Belangrijk is dat wordt voorkomen dat de pony onrustig wordt gemaakt. Een onrustige pony gaat trippelen en dan is het niet meer mogelijk de stap te beoordelen.

De draf dient met opgeheven hoofdhouding en bravour te worden getoond. Draven is geen racen, het gaat dan onnodig over in galop. Draven mag zowel in een rechte lijn van en naar jury als de gehele baan rond, dit laatste is jammer genoeg niet altijd mogelijk. Bij pony’s die zich gemakkelijk laten leiden komt de ruimte in de beweging het best tot zijn recht. Hoewel het draven niet om de snelheid gaat is het natuurlijk wel zaak dat de voorbrenger de pony kan bijhouden. De aandrijver dient er bij het draven op te letten de pony niet te overjagen. Bij de Shetlanders is het veelal het beste dat de aandrijver zich bij het draven afzijdig houdt. Na het draven stelt u de pony nogmaals op de eerder vermelde wijze op. Als de jury het eken geeft, stelt u zich achter in de baan op in afwachting van verdere aanwijzingen van de ringmeester.

Copyright NSPS 2012 | Gebruiksovereenkomst | Privacybeleid
);